Futur simple

De futur simple is een Franse tijd die je gebruikt om te praten over iets dat in de toekomst zal gebeuren. Je kunt het in het Nederlands vergelijken met 'ik zal lopen' of 'we zullen fietsen'. 

Hoe maak ik een Futur Simple?

Je neemt het hele werkwoord en voegt daarachter de volgende uitgangen toe: 

Je

Tu

Il/elle/on

Nous

Vous

Ils/Elles

-ai

-as

-a

-ons

-ez

-ont

Bijvoorbeeld

Je parlerai
tu parleras
il parlera
nous parlerons
vous parlerez
ils parleront

Werkwoorden -er

Bij werkwoorden op -re laat je de e van de infinitief weg.

Vendre (verkopen) → vendr-

je vendrai
tu vendras
il vendra
nous vendrons
vous vendrez
ils vendront

Onregelmatige werkwoorden

être
avoir
aller
faire
venir
pouvoir
vouloir
devoir
voir
savoir

ser-
aur-
ir-
fer-
viend-
pourr-
voudr-
devr-
verr-
saur-

Bijvoorbeeld:

Je serai là demain. (Ik zal er morgen zijn.)

Nous aurons un examen. (Wij zullen een toets hebben.)

Ils iront à Paris. (Zij zullen naar Parijs gaan.)

Wanneer gebruik je de futur simple?

  • Voorspellingen: Il pleuvra demain. (Het zal morgen regenen.)
  • Beloftes: Je t'aiderai. (Ik zal je helpen.)
  • Toekomstige plannen: Nous partirons à huit heures. (Wij zullen om acht uur vertrekken.)

Au travail! 

Futur simple

Score: 0
🐎

Kies werkwoorden:

Onregelmatig

Regelmatig